De Grasparkiet broed in nestkastjes Er worden 4 tot 6 witte eitjes gelegd die uitstekend door het vrouwtje in ongeveer 18 dagen worden uitgebroed. Zijn de jongen uit het ei gekomen, dan voeren beide ouders ze.
Na 1 maand komen de jongen uit het blok. Ze kunnen dan nog niet goed voor zichzelf zorgen en worden nog ongeveer één week door beide ouders gevoerd en begeleid. Na ongeveer drie tot vier maanden hebben ze hun uiteindelijke kleur. Jonge dieren zijn herkenbaar aan hun donkere snavels, vrijwel ongepigmenteerde neusdop en donkere ogen zonder witte iris

Het volwassen mannetje heeft boven de snavel een blauwe huid, het vrouwtje heeft een bruine huid De kleur van de wilde grasparkiet is groen. De kopveren zijn geel. De hals veren zijn versierd door zwarte puntjes die op een halssnoer lijken. Behalve groene werden er door kwekers div. kleuren gefokt.
Voorbeelden hiervan zijn onder meer de verschillende tinten groen (licht-, donker-, olijf-, en grijsgroen) en blauw (waaronder hemels- en kobaltblauw). Daarnaast vallen ook de mauve, grijze en violette onder de normale kleuren. Onder vetstofkleur, dat wil zeggen zonder tekening, vallen onder meer de albino’s en lutino’s. Dit zijn respectievelijk witten en gele vogels met rode ogen. Ook gele en witte vogels met donkere ogen komen voor. Vervolgens kennen we nog bonte grasparkieten, grasparkieten die een afwijkend tekeningspatroon hebben (o.a. gezoomd, opaline en overgoten) en dieren waarvan de normaliter zwarte tekening verbleekt is of een afwijkende kleur heeft (grijs- en witvleugels, cinnamon). Ten slotte is ook de geelmasker een populaire kleurslag. Deze vogels hebben in plaats van een wit- een geelgekleurd masker.

Voeding ;Grasparkieten mengsel ,trosgierst en af en toe groenvoer
Natuurlijk mag grit en schoon water niet ontbreken

Grasparkieten komen oorspronkelijk uit Australië daar leeft hij op graslanden. Hij leeft daar in grote zwermen In een zwerm voelen ze zich veiliger. De meeste grasparkieten hebben daar een groen verenpak, ze zijn dan ook prachtig gecamoufleerd tussen de hoge grassen. Ze eten in Australiër zaden van grassen en drinken uit beekjes. Worden voedsel en water schaars, dan kunnen er duizenden parkieten bij elkaar komen. In een grote groep zijn ze veiliger en kunnen ze beter voedsel en water vinden. De (gras-)parkiet stamt af van de papegaai. Je kan eigenlijk zeggen dat een parkiet een soort mini papegaaitje is.De eerste exemplaren werden ingevoerd in Europa. Sindsdien is de grasparkiet uitgegroeid tot een vogel die in veel volière`s gehouden word.
Tot 1958 werd de grasparkiet op kleur gekweekt ,daarna door invoer uit Engeland als postuur vogel
Standaard eisen parkieten
De een vind het maar niks die grote lompe vogels met grote koppen en losse beveerdering
De kweker vind ze fantastisch en worden op grote en kleine tentoonstellingen ingezonden.

Om meer jongeren en mensen met een gezelschapsvolière's bij de tentoonstellingen te betrekken is besloten ook de kleine grasparkiet te vragen Ook de beginnende vogelliefhebber zal misschien gemakkelijker aan een onderlinge show meedoen. Deze groepen mensen hebben vaak de kleine grasparkiet in de volière, omdat deze diertjes levendig en zeer kleurrijk zijn
Wij hopen door het vragen van deze parkietjes op de volgende tentoonstelling, meer leden een plezier te kunnen doen.

De kleine grasparkiet zal gekeurd worden als conditievogel, dit in tegenstelling tot de standaard Engelse grasparkiet.

De eisen voor een kleine grasparkiet zijn:

* Lengte maximaal 18 cm, gemeten van de kruin van de kop tot de punt van de staart. Hij moet een sierlijke slanke gestalte laten zien.
* Kopvorm moet enigszins spits zijn, zowel voor- als zijaanzicht en moet in verhouding staan tot het lichaam.
* Snavel, bovensnavel moet volledig zichtbaar zijn en de punt raakt net de bevedering.
De bovensnavel moet over de ondersnavel sluiten en de snavel dient gaaf te zijn.
* Houding, moet een fiere en natuurlijke houding hebben en rustig zijn. Moet stevig op de poten staan en het onderlichaam moet ruim vrij van de stok blijven. Tenen moeten voorzien zijn van nagels en moeten de stok stevig omklemmen, 2 tenen voor en 2 tenen achter.
* Conditie/bevedering, vogel moet goed in conditie zijn.
De bevedering moet compleet en glanzend zijn, dit getuigt van een goede gezondheid.
* Lichaamskleur moet een goede diepte hebben en zo egaal mogelijk zijn.
* Tekening moet zo helder en strak mogelijk zijn, vooral het masker, deze moet zuiver van kleur zijn met aan de onderzijde 6 regelmatig verdeelde ronde keelstippen, alles in de juiste verhouding met het masker. De buitenste 2 worden gedeeltelijk door de wangvlekken bedekt. De stippen dienen zich in het masker te bevinden, waarbij onder de stippen duidelijk een klein wit af geel randje zichtbaar moet blijven

Grasparkiet (Klein)